RADAR+ Online

Word Abonnee

DSC_3859.jpg

Duurzaam ondernemen: uitvaartwezen

Susanne Duijvestein (33) noemt zichzelf een progressief groen blaadje in de uitvaartbranche. Ze probeert met haar bedrijf zo persoonlijk en duurzaam moge­lijke begrafenissen en crematies te regelen in een door commercie gedreven branche.

4bestelnu

 

Hoe ben je in het uitvaartwezen beland?

‘Dat was een intuïtieve stap. Ik heb organisatiekunde gestudeerd en werkte bij de Rabobank, waar ik onder meer een maatschappelijk investeringsfonds beheerde. Na elf jaar dienstverband voelde ik me daar niet meer thuis, en besloot ik mijn leven om te gooien.
De dood fascineert me al van jongs af aan, maar ik wist nooit wat ik daarmee moest. Dat ik uiteindelijk voor de uitvaartwereld koos, kwam doordat ik besefte dat daar nog zoveel valt te verbeteren.
De branche verdient veel geld aan verdriet, en
niet altijd even ethisch. Het wordt tijd dat de
commercie plaatsmaakt voor een meer mens-
gerichte benadering. Ook op het gebied van
duurzaamheid valt er nog veel te bereiken. Ik wil
meehelpen onze planeet zo goed mogelijk achter
te laten voor de volgende generaties.’


Zijn uitvaarten belastend voor het milieu?

‘Ja. Alleen al vanwege het feit dat voor een uitvaart mensen van heinde en ver naar een plek reizen om afscheid te kunnen nemen. En daarvóór is het lichaam van de overledene een week lang intensief gekoeld. Of soms zelfs geconserveerd door het te injecteren met het zeer giftige formaldehyde. Vervolgens zorgt de begrafenis voor bodemvervuiling of de crematie voor uitstoot van fijnstof en CO2. Maar er zijn nog veel meer aspecten te noemen:
de bloemen bijvoorbeeld, die meestal niet zo
milieubewust zijn gekweekt, en na afloop dikwijls
worden weggegooid.’


Er is toch al een aardig aanbod aan duurzame uitvaartproducten?

‘Klopt, alleen al voor wat wij ‘omhulsels’ noemen. Een doodskist is wettelijk niet verplicht, maar het lichaam van de overledene moet wel bedekt zijn. Zo kun je tegenwoordig kiezen uit rieten manden, kartonnen dozen en lijkwades. Ook zijn er milieuvriendelijkere alternatieven voor de gangbare kisten van spaanplaat, zaagsel dat met formaldehyde is verlijmd.  Een nieuwe aanbieder is bijvoorbeeld Coffin in a box. Dat bedrijfje maakt kisten van het hout van inheemse, snel groeiende populieren, die in een bouwpakketje rechtstreeks aan een familie worden verstuurd. Dat scheelt in het transport. Er zijn al met al wel duizend keuzes te maken. En daarin probeer ik mensen zo goed mogelijk te begeleiden. Dat gesprek is soms lastig, want als we rouwen zijn we nu eenmaal niet op ons scherpst en creatiefst. Daarbij heb je te maken met een grote tijdsdruk.’

 

Is de uitvaartbranche sowieso duurzaam bezig?

‘Omdat duurzaamheid maatschappelijk gezien een populair thema is, is dat voor de grote uitvaartmaatschappijen natuurlijk interessant. Maar ik zie het vooral als ‘greenwashing’: ze doen zich groener voor dan ze zijn. En bieden nauwelijks keuzemogelijkheden. Grote maatschappijenhebben een standaard draaiboek met een
catalogus van leveranciers met wie ze de grootste winstmarges maken. Dat de uitvaartceremonie kan plaatshebben in het favoriete café van de overledene zullen ze niet snel ter sprake brengen.
Het credo dat ze het allemaal heel persoonlijk aanpakken, slaat dus nergens op. Inmiddels is dat al wel tegen ze gaan werken. Dat is ook te danken aan een rapport van de AFM (Autoriteit Financiële Markten, red.), die deze belangen-
verstrengeling aan de kaak stelde. Hun marktaandeel is mede daardoor flink geslonken. Voorheen hadden ze het merendeel van de branche in handen, en ik denk dat het nu nog zo’n veertig procent is.’


Kun jij nog meer verschil maken?

‘Ik ben nog maar twee jaar bezig. Als kleine zelfstandige probeer ik zoveel mogelijk te prikkelen en de bewustwording te vergroten. Omdat ik het belangrijk vind dat we de cultuur rondom de dood weer van onszelf maken, zodat een afscheid alles over de overledene zegt.
Daarover blog ik en verzorg ik workshops bij de culturele instelling Mediamatic. Zo heb ik laatst een avond georganiseerd over resomeren, oftewel ‘watercremeren’. Daarbij wordt het lichaam opgelost in een bad met alkali, wat aanzienlijk minder CO2-uitstoot veroorzaakt dan begraven en cremeren. Begin volgend jaar beslist de Tweede Kamer of deze scheikundige vorm hier wordt toegestaan – in Canada en verschillende staten van Noord-Amerika is dat al wel het geval.
Zelf ben ik erg geïnteresseerd in ‘humusatie’ waarbij een lichaam in een lijkwade in de grond wordt gelegd en gecomposteerd. Een heel natuurlijk proces: de voedingsstoffen van het lichaam zijn een bron van nieuw leven. Daar wordt in België mee geëxperimenteerd, maar voorlopig ziet het er nog niet naar uit dat het naar Nederland komt. Daarom ben ik met de Technische Universiteit Delft een samenwerking aangegaan om te onderzoeken hoe we ‘humusatie’ hier kunnen toepassen, en meer bekendheid geven.’


Hoe gaat het met je bedrijf?

‘Het was een sprong in het diepe, maar ik kan er al van leven. Eenvoudig leven, want veel dingen doe ik pro deo. Om dit vol te kunnen houden, moet ik op zoek naar een duurzamer verdienmodel. Zo zou ik een vergoeding kunnen vragen voor mijn lezingen en advieswerk.
Hoe dan ook, geld is niet alles. Ik haal veel voldoening uit mijn werk.’




Sluiten

INHOUDSOPGAVE