RADAR+ Online

Word Abonnee

Tekst: Irene van den Berg

1Irene_van_de_Berg_24_1.jpg

Column: Eerste indruk

Je zou met een rationeel eisenlijstje op zoek moeten gaan naar een nieuwe woning. Maar in plaats daarvan wil je dat tussen jou en een huis een vonk overslaat. Is de eerste indruk fout, zo weet Irene die een huis bezocht waar het stonk naar kaas, dan gaat de koop niet door.

We willen verliefd worden op een huis. Huizenzoekers kopen meestal geen nieuwe woning, enkel en alleen door een eisenlijstje af te vinken. Genoeg vierkante meters: check. Tuin op het zuiden: check. Dicht bij openbaar vervoer: check. Want al zijn alle vinkjes gezet, als er geen vlinders zijn, dan houdt op. Net als in de liefde moet er een vonk overslaan. Een magisch gevoel waardoor je in één klap weet dat die doorzonwoning in Capelle aan den IJssel voor jou de ware is.
Ik begrijp dat niet. De liefde leert ons dat een roze bril vertroebelt. Als je er na een onenightstand achter komt dat die aantrekkelijke man weinig inhoud heeft, is dat een afknapper. Veel erger is het als je net zeven ton hebt neergeteld voor een jarendertigwoning met klassieke ornamenten die een verrotte fundering blijkt te hebben. Daar kom je, als je er eenmaal hebt geslapen, een stuk lastiger vanaf.
Een paar redenen waarom ons gevoel niet zo’n goed kompas is wanneer we een huis kopen: allereerst wordt het beïnvloed door dingen die niet belangrijk zijn voor de keuze voor een huis. Denk aan de kleur op de muur, de inrichting of de geur die er hangt. Wie denkt dat-ie daar wel doorheen kan kijken, onderschat de invloed van zijn onderbewuste.
Ik bezichtigde ooit een appartement waar een maaltijd met gesmolten kaas in de oven stond. De kaaslucht was zo overheersend dat het me niet meer lukte om objectief naar de woning te kijken. Mijn man had hetzelfde. Het appartement kreeg van ons achteraf de bijnaam ‘het stinkhuis’. Het zal je niet verbazen dat we een ander appartement hebben gekocht. De mens is zo geprogrammeerd dat hij het meeste belang toekent aan de informatie die hij het eerst voor ogen krijgt. In de sociale psychologie heet dat het primacy effect: de neiging om van een reeks dingen de eerste het best te onthouden. Daarom laten makelaars je het grootste pluspunt van het huis graag als eerste zien.
En hebben we eenmaal een eerste indruk, dan zijn we er daarna moeilijk vanaf te brengen. Dat komt dan weer door de confirmation bias: de drang om informatie te zoeken
die past bij je eigen ideeën. Ben je helemaal weg van het moderne kook­eiland, dan ga je op zoek naar meer argumenten waarom dat huis een goede aankoop is. Dat de tuin een postzegel is en op het noorden ligt, neem je voor lief. Ach, denk je, hoe vaak is het Nederland nu eigenlijk goed weer om buiten te zitten?
Ons onderbewuste is ook erg gevoelig voor groepsdruk. Dat is de reden waarom makelaars vaak groepsbezich-
tig­ingen plannen. En terloops melden dat er ‘veel interesse’
is voor een woning. Want als iedereen het wil, zal het wel een interessant huis zijn, zo zegt ons gevoel. Als we denken dat een huis populair is, gaan we sneller in onderhandeling en willen we er meer voor betalen. Bij het kopen van een huis is onze ratio betrouwbaarder dan ons gevoel. Een huis beoordelen aan de hand van een eisen­lijstje is dus helemaal geen gek idee. Dat gevoel komt later vanzelf wel als je een mooi verfje op de muur smeert, fijne muziek opzet en in je nieuwe keuken een ovenmaaltijd bereidt die wél lekker ruikt.




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
Special over wonen
RA04_4TM5_INHOUD.jpg