RADAR+ Online

Word Abonnee

tekst: Diana de Veld

GettyImages-906006004BW_1.jpg

Bodyscan, wel of niet?

Het lijkt een goed idee: een bodyscan om te onderzoeken of je gezond bent. Maar wat als ze dan iets vinden? En als dat iets is wat niet kan worden behandeld? Wil je juist graag of absoluut niet een apk-keuring van je lijf? Wetenschapsjournalist Diana de Veld gaat op onderzoek.

promo3nrs

Of ik voor RADAR+ een artikel wil maken over de total bodyscan, een medisch onderzoek waarbij je doorgelicht wordt om te checken of er misschien ergens in je lichaam iets hapert. En of ik dan zelf ook zo’n scan zou willen ondergaan, luidt de vraag. Wat een leuk idee, is mijn eerste gedachte. Straks kan ik MRI-scans bekijken van mijn eigen hersenen, longen, lever en nieren: hartstikke interessant! Maar dan komt de twijfel ­opzetten. Wat nou als ze ‘iets’ vinden? Dan ben ik niet meer gewoon gezond, maar een mogelijke patiënt. Dan móét ik er ook iets mee: vervolg­onderzoek, misschien een behandeling. Als die tenminste bestaat. Want wie weet ontdekken ze iets wat niet te genezen is, zoals alzheimer. Dan zit ik mooi met die deprimerende ­kennis opgescheept. Aan de andere kant: misschien vinden ze wel een ziekte in een heel vroeg stadium en is het júíst nog goed te behandelen. Zal ik niet enorme spijt hebben als ik in de toekomst bij de dokter kom met de een of andere tumor en het blijkt al te laat? ‘Tja dokter, ik had het al veel eerder kunnen weten, maar ik durfde die scan niet aan ...’


Voor je het weet ben je een patiënt

Ik bespreek mijn twijfels met mijn man. Hij staat er op zich positief tegenover. ‘De kans dat ze iets vinden is klein. En als ze iets vinden, dan ben je er vroeg bij, toch?’ Andere mensen zijn terughoudender. ‘Ik zou het nooit doen’, roept een collega meteen. ‘Voor je het weet ben je een patiënt.’ Weer een andere collega is bang dat hij problemen zou krijgen met het afsluiten van een hypotheek of verzekering.
Online vind ik een kritische column over total bodyscans van hoogleraar Gezondheidsrecht Jos Dute (Radboud Universiteit). Ik besluit hem mijn twijfels voor te leggen. ‘Ik zou het zelf niet doen’, zegt hij. ‘Je eerste gedachte is misschien: natuurlijk! Mijn auto moet ook om de zoveel tijd een APK. Is er niks aan de hand, dan ben ik gerustgesteld. En is er iets mis, dan laat ik hem toch repareren? Maar je kunt een lichaam niet vergelijken met een auto. Bij veel uitslagen – een hogere waarde in het bloed, iets afwijkends op een foto – is niet zonder meer duidelijk wat de betekenis daarvan is. Daarnaast kun je ook per ongeluk iets ­ontdekken dat je liever niet had geweten, bijvoorbeeld een on­­behandelbare ziekte.’ Elk vervolgonderzoek geeft zelf ook ­risico’s, zoals de kans op een klaplong door een longonderzoek. ‘Die kans is weliswaar heel klein, maar je moet dat allemaal afwegen.’


Samenwerking met Duitse klinieken

Ik twijfel nog steeds en verdiep me in een van de aanbieders van total bodyscans, Prescan. Zij werken samen met klinieken in Nederland en Duitsland. Waarom in Duitsland? ‘De huidige wet in Nederland maakt geen onderscheid tussen het aanbieden van individuele health checks en bevolkingsonderzoek’, vertelt directeur Eddy van Heel. ‘En voor bevolkingsonderzoek moet je een vergunning aanvragen. Voor individuele health checks is zo’n vergunning nu niet haalbaar, daarom werken we samen met Duitse klinieken voor sommige medische onderzoeken. Er wordt gewerkt aan een nieuwe wet met meer keuzemogelijkheden voor burgers.’


Welke onderzoeken kun je verwachten?

Prescan biedt verschillende health checks aan, in prijs ­variërend van ongeveer € 1000 tot € 2000. Bij de meest complete en duurste scan krijg je MRI-scans van je belangrijkste organen en bloedvaten, een uitgebreid hartonderzoek, je bloed en ­urine wordt gecheckt en je krijgt een inwendig maag- en darm­onderzoek, inclusief roesje. De goedkoopste versie biedt alleen MRI-scans. Je kunt mankementen opsporen als doorbloedings­stoornissen, longemfyseem, allerlei soorten tumoren en ­problemen met onder meer nieren, galblaas, alvleesklier, hart, prostaat, baarmoeder en eierstokken.


Op tijd erbij zijn

‘We zien iets meer mannen dan vrouwen. De meeste mensen zijn boven de veertig, gemiddeld 55 jaar’, antwoordt Eddy van Heel van Prescan. ‘Sommigen komen met lichamelijke ­klachten waarvoor in het reguliere circuit geen oorzaak is gevonden. Dan kijken we welk onderzoek het beste past, bijvoorbeeld een gerichte scan. Maar er komen ook veel cliënten voor een algemene health check. Zij willen weten of alles in orde is – wat meestal het geval is – en wat ze eventueel kunnen doen om gezonder te leven. Mocht er iets aan de hand zijn, dan willen ze daar op tijd bij zijn zodat er ingegrepen kan worden.’
De klantvriendelijke houding van Prescan spreekt ­mensen aan, vertelt Van Heel. ‘We werken met gespecialiseerde ­artsen die de tijd nemen voor uitleg en advies. Als we iets ernstigs vinden, dan is er een ervaren verpleegkundige bij het gesprek. We hebben een nazorgafdeling. Mensen bij wie iets is ­gevonden, worden begeleid. Verder betrekken we de eigen huisarts als de cliënt dat goedvindt. De huisarts kent de cliënt het beste en is in principe degene die doorverwijst.’


Eerst uitzoeken wat mensen willen weten

Prachtig die begeleiding na een slecht bericht, maar nog fijner is het natuurlijk als alles oké blijkt. In hoeverre kun je dan ook echt gerustgesteld zijn? ‘We kunnen niet alles zien met een MRI, bijvoorbeeld geen ziektes van het maag-darm-
kanaal. Ook lymfe- en bloedziekten kun je vaak niet zien met MRI, daar zou je andere tests voor moeten doen. Verder ­wíllen we ook niet alles zien: we doen geen onderzoek naar onbehandelbare aandoeningen, zoals alzheimer, ALS of de ziekte van Huntington.’ Oké, ik hoef dus niet bang te zijn dat ik met de diagnose alzheimer wordt opgescheept. En hoe zit het met kennis over ziekten waar ik pas jaren later last van zou kunnen krijgen? ‘We kijken wel naar voorspellende ­waarden, zoals een hoog cholesterol of een hoge bloeddruk, maar dat doen we alleen voor behandelbare aandoeningen’, antwoordt Van Heel. ‘DNA-onderzoek doen we ook nog niet. We moeten eerst uitzoeken wat mensen zouden willen weten, wat een uitslag zegt en hoe betrouwbaar die is.’


Wordt de levensverzekering duurder?

Ik vertel Van Heel over de angst van mijn collega, dat hij geen hypotheek of verzekering meer zou kunnen krijgen. Is dat terecht? ‘Voor een hypotheek wordt tegenwoordig niet meer om een medische ­keuring gevraagd. Dat geldt ook voor de ­meeste ­verzekeringen. Maar voor bijvoorbeeld een ondernemers-risicoverzekering kan het wel van invloed zijn als daar een medische ­keuring bij komt kijken.’ Van Heel vertelt dat bij hemzelf in 2018 dankzij de total bodyscan een kwaadaardige niertumor is ontdekt, in een vroeg stadium gelukkig. ‘Ik heb daarna een levensverzekering afgesloten en moest van­wege mijn medische dossier € 35 per maand meer betalen. Maar dat weegt voor mij niet op tegen het tijdig ontdekken van die tumor.’


Meer na- dan voordelen

Ik klop aan bij de Gezondheidsraad. Hoe staan zij tegenover total bodyscans? Vooralsnog niet positief, zo blijkt. ‘Screening heeft altijd nadelen en soms voordelen’, zegt woord­voerder Eert Schoten. Bij total bodyscans ziet hij meer nadelen dan voordelen. Bijvoorbeeld het risico op het ontdekken van onbehandelbare aan­doeningen. Ook onterechte verwijzingen zijn een nadeel. Dat levert ongerustheid op en de vervolgonderzoeken kunnen soms complicaties geven. En dan zijn er nog de kosten. De total bodyscan – die vrij prijzig is – betaalt iemand weliswaar zelf, maar de kosten voor een eventueel vervolgtraject krijgt de maatschappij op het bordje. Ook zijn er zorgen over valse geruststelling: mensen zouden gezondheidsklachten kunnen gaan negeren als ze ­volgens de scan gezond waren. Maar de voordelen dan? ‘Het is wetenschappelijk nog niet aangetoond dat het uitvoeren van total bodyscans gezondheidsvoordelen oplevert in termen van een langer leven of een betere gezondheid’, zegt Schoten. ‘Dat ligt anders voor de bevolkingsonderzoeken naar darm-, borst- en baarmoederhalskanker.’


Resultaten van het onderzoek door TNO

Prescan heeft inmiddels heel veel ­ervaring opgebouwd en wil die gedegen in kaart ­brengen. Het bedrijf schakelde daarom TNO in voor een wetenschappelijk onderzoek naar de ervaringen van 3603 cliënten. Zij kwamen allemaal voor MRI-scans van hun ­hersenen, halsslagaders, bovenbuik en onderbuik/bekken, in combinatie met een uitgebreid cardiologisch onderzoek. ‘Bij ongeveer één op de negen werd iets afwijkends gezien waarvoor iemand een verwijzing kreeg’, vertelt maag-darm-leverarts prof. dr. Daan Hommes (Leids ­Universitair Medisch Centrum). Hij was wetenschappelijk adviseur bij het TNO-­onderzoek en werkt aan een wetenschappelijke publicatie. ‘De meeste afwijkingen werden gevonden met de MRI-scan. Bij die af­­wijkingen ging het in 40 procent van de gevallen om een tumor. En bij twaalf procent van de mensen bij wie op de MRI-scan een tumor werd gezien, bleek het ­uiteindelijk om een kwaadaardige tumor in een vroeg stadium te gaan. In mijn optiek is dat pure gezondheidswinst.’


Gezonder leven na de scan

De onderzoekers wilden ook weten hoe het mensen verging die waren doorverwezen. ‘In 78 procent van de gevallen bevestigde het vervolgonderzoek de bevindingen van Prescan’, vertelt Hommes. ‘Bij elf procent van de MRI-bevindingen bleek er uiteindelijk niets aan de hand, wat meestal eenvoudig kon ­worden aangetoond. Bijvoorbeeld met een echo of een CT-scan.’ Er werden geen nadelige of psychische gevolgen van de total bodyscan vastgesteld. ‘Verreweg de meeste cliënten zouden het nog eens doen, zeggen ze. Ze geven gemiddelde rapportcijfers boven de acht voor zowel het MRI-onderzoek als het cardio­logische onderzoek. Daarbij maakte het niet uit of er iets was gevonden of niet.’ Een deel van de cliënten was gezonder gaan leven naar aan­leiding van de scan. ‘Ruim één op de vijf ­mensen ging minder roken, een iets ­kleiner deel ging gezonder eten, meer bewegen, ­afvallen of minder alcohol drinken.’


Gerust gevoel

Ook Annemarie van Roosmalen (40) ging gezonder leven na haar total bodyscan. ‘Roken deed ik gelukkig allang niet meer, maar uit de long- en fietstest bleek dat mijn ­conditie niet zo goed was. Daarom ben ik gaan ­sporten.’ Haar eerste total bodyscan was acht jaar ­geleden, vertelt Annemarie. ‘Mijn tweede kindje was toen net geboren. Omdat ik ­geadopteerd ben, had ik maar heel weinig kennis over mijn eigen medische achtergrond. Ik wilde weten of mijn gestel wel goed in elkaar zat, ook voor mijn kinderen.’ Wat Annemarie wél wist, was dat in haar biologische familie borstkanker voorkwam. ‘Daarom wilde ik ook een mammogram laten maken, als extra onderzoek. Ze vonden een afwijking in mijn borst die op zich niet verontrustend leek, maar omdat ik mogelijk een erfelijke aanleg had is het toch verder uitgezocht.’ De afwijking bleek meest waarschijnlijk goedaardig, met een heel kleine kans op kwaadaardigheid. ‘Maar de ­artsen willen wel graag dat ik elke drie jaar naar het ziekenhuis kom voor controle.’
Na Annemaries veertigste verjaardag koos ze opnieuw voor een total bodyscan, maar dan een minder uitgebreide. Alles was in orde en haar conditie bleek inderdaad verbeterd. Annemarie wil zo’n scan elke vijf jaar laten herhalen. ‘Het geeft mij een gerust gevoel, al weet ik dat een goede uitkomst geen garantie geeft. Maar ik voel me er toch prettiger bij.’


Conclusie

Zowel vóór als tegen de total bodyscan valt veel te zeggen, maar uiteindelijk blijft het je eigen afweging. Zelf neig ik steeds meer naar: nee, toch maar niet.
Dan ontvang ik het nare bericht dat een broer van mijn vader kanker heeft. De afgelopen jaren ­kregen steeds meer ooms en tantes de gevreesde diagnose. Misschien zit het wel in de familie? Aan de andere kant: ik ben een hele generatie jonger. Geen ­zeventiger, maar een ­veertiger. Ik weet het zeker: ik doe het niet. Of in ieder geval: niet nu. ­Misschien schuif ik ooit ­alsnog die scanner in.




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
Special over wonen
RA04_4TM5_INHOUD.jpg