RADAR+ Online

Word Abonnee

Tekst: Wilma van Hoeflaken | Met dank aan: Jeroen Wolfsen van Moneywise

GettyImages-640967803.jpg

Lijfrentes en bankspaarproducten

Het is zover: je kunt je lijfrente of bankspaarproduct laten uitkeren. Maar de lage rente is een tegenvaller. Wat nu? Slimme tips met het oog op de toekomst.

Mensen die de afgelopen jaren stopten met werken en hun lijfrentes laten uitkeren, krijgen veel minder geld dan ze hadden verwacht. Toen ze jaren geleden een lijfrenteverzekering afsloten of geld opzij zetten op een geblokkeerde bankrekening (banksparen), konden ze niet vermoeden dat de rente zo dramatisch laag zou worden. Met als gevolg dat de lijfrente-uitkering die ze ontvangen ook laag is. Stel dat je lijfrente of bankspaartegoed nu vrijkomt. Dan kun je vier dingen doen om een hogere uitkering te krijgen.


1. Wacht tot je AOW krijgt

Je lijfrente-uitkering uitstellen totdat je AOW krijgt helpt echt. Als AOW’er betaal je namelijk veel minder belasting. Daardoor levert je lijfrente-uitkering netto meer op. Ga maar na: als je nog geen AOW hebt, betaal je over de eerste € 20.142 inkomen 36,55 procent belasting. Zodra je AOW krijgt, betaal je nog maar 18,65 procent. Over je inkomen tussen € 20.142 en € 33.994 betaal je als niet-AOW’er 40,85 procent belasting. Zodra je AOW krijgt, betaal je 22,95 procent. In de praktijk betekent dit dat iemand die jonger is van een bruto jaarinkomen van zo’n € 34.000 ongeveer € 21.000 netto overhoudt. Een AOW’er houdt € 27.000 over.


2. Wacht op hogere rente

Dat kun je doen, al weet je natuurlijk niet of de rente gaat stijgen en wanneer dat gebeurt. Stel dat er € 50.000 vrijkomt. Je wilt dat in 10 jaar laten uitkeren. Dan krijg je bij een rente van 0,55 procent elke maand bruto € 428,30. Je besluit een jaartje te wachten, in afwachting van een betere rentestand. Een jaar later is de rente gestegen naar 1,15 procent. Dan krijg je € 441,15 per maand. Elke kleine rentestijging helpt een beetje.

3. Kies de beste aanbieder

Dat moet je sowieso doen. Stel dat er € 70.000 vrijkomt. Je wilt dat in tien jaar laten uitkeren. Dan krijg je op dit moment in het beste geval € 617,61 per maand. In het slechtste geval krijg je € 591,14 bruto. Simpelweg met de beste aanbieder in zee gaan, levert tien jaar lang elke maand ruim € 26 op. Je mag je lijfrente laten uitkeren door elke bank of verzekeraar. Dat hoeft niet bij de bank of verzekeraar waar je je kapitaal hebt opgebouwd.


4. Doe het alle drie

Wachten op de AOW zet de meeste zoden aan de dijk, vanwege het belastingvoordeel. Kiezen voor de beste aanbieder scheelt zeker. Wachten op meer rente misschien ook. Zo maak je er het beste van. Veel meer kun je niet doen. De lage rente is in sommige situaties een enorm voordeel, bijvoorbeeld als je een huis koopt en een hypotheek afsluit, maar in veel andere gevallen ronduit een tegenvaller. Als zo’n lijfrente-uitkering als extraatje bedoeld was, naast je pen- sioen, is het misschien minder erg. Maar als je er echt een pensioen van moet kopen, betekent het dat je met veel minder geld moet rondkomen dan je verwachtte.



Let op belastingen en toeslagen

Je lijfrente-uitkering kan van invloed zijn op de belasting die je moet betalen of de toeslagen die je krijgt. Als AOW’er heb je recht op ouderenkorting. Dat is een korting op de belasting die je moet betalen. De ouderenkorting is € 1418. Die krijg je tot een bruto inkomen van € 36.346. Zodra je inkomen maar een euro hoger is, daalt de ouderenkorting naar € 72. Houd ook rekening met toeslagen. Zorgtoeslag krijg je als je jaarinkomen lager is dan € 28.720 (alleenstaanden) of € 35.996 (stellen). De hoogte hangt af van je inkomen en varieert van € 94 tot € 4 per maand (alleenstaanden) of € 176 tot € 7 (stellen). Als AOW’er krijg je geen huurtoeslag als je inkomen hoger is dan € 22.375 (alleenstaanden) of € 30.400 (stellen). Als je een tijdelijke lijfrente-uitkering wilt en je inkomen wordt te hoog voor de ouderentoeslag of andere toeslagen, kun je overwegen het bedrag over een langere periode uit te smeren. Dan kies je bijvoorbeeld voor een uitkeringsperiode van zes jaar in plaats van vijf jaar. Meer informatie over toeslagen vind je op belasting­dienst.nl/toeslagen




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
inhoud6.jpg