RADAR+ Online

Word Abonnee

Tekst: Lara Aerts | Fotografie: Marijn Scheeres

GettyImages-148495472.jpg

Hoe duurzaam zijn we in 2030?

We moeten duurzaam worden, en dan hebben we het over meer dan een beetje afval scheiden. Hoe wonen we over pakweg 15 jaar? Hoe reizen we, hoe eten we? Kortom: hoe léven we?

promobanner3nummer

Sta je de krant open, dan lees je over smeltende poolkappen, bosbranden, overstromingen en nog meer rampspoed als gevolg van de opwarming van de aarde. Om die gevolgen nog enigszins in de hand te houden, hebben bijna tweehonderd landen in 2016 het Klimaatakkoord van Parijs ondertekend. Afgesproken is dat de opwarming wordt beperkt tot twee graden, met anderhalve graad als streven. Ook Nederland heeft zich gecommitteerd en gaat drastische maatregelen treffen. Zo moet het land op redelijk korte termijn - 2030 volgens milieuactivisten en wetenschappers, 2050 volgens de overheid - over zijn gegaan op bijna 100%  duurzame energie. Hoe ziet ons leven er rond die tijd uit? Om een toekomstbeeld te schetsen sprak journalist Lara Aerts met vier mensen die ieder vanuit hun expertise een voorspelling doen.
Marjan Minnesma is directeur van Urgenda, een organisatie voor innovatie en duurzaamheid. Minnesma is verschillende keren gekozen tot nummer 1 van de Duurzame top 100 van dagblad Trouw.
Babette Porcelijn is auteur van De verborgen impact, waarin ze onder andere de top tien meest vervuilende activiteiten van consumenten beschrijft. Ze is nu bezig met haar tweede boek.
Roebyem Anders is mede-oprichter van Stichting Schooldakrevolutie en oprichter van zonnepanelenbedrijf Sungevity. Anders mag zich na het volgen van een training van Al Gore een Climate Reality Leader noemen.
Tim van Hattum is programmaleider klimaat bij Wageningen University & Research. Hij doet onderzoek naar de impact van klimaatverandering en de manier waarop we ons kunnen aanpassen. Zijn collega’s ontwikkelen een klimaateffectatlas (klimaateffectatlas.nl) waar je kan inzoomen op je eigen wijk om te zien welke klimaateffecten te verwachten zijn, zoals wateroverlast of hitte.


Wonen in de toekomst: alles op zonne-energie

In 2030 moet heel Nederland van het gas af zijn.
Je huis en water verwarmen doe je met zonne- energie; op het dak liggen zonnepanelen, dakpannen met geïntegreerde (nauwelijks zichtbare) zonnepanelen of zelfs oprolbare zonnepanelen - die overigens nu al verkrijgbaar zijn. Ook je ramen, luiken, schuttingen, muren en andere bouw­materialen wekken zonne-energie op. Aan de buitenkant van je huis hangt een warmtepomp, een klein wit doosje dat een groot vat water verwarmt. Onze toekom­stige woningen, maar ook scholen en andere gebouwen, leveren steeds vaker energie op, in plaats van dat ze energie kosten.
Koken doe je met inductie. Mensen denken daarbij nog aan de ellende van het ouderwetse elektrisch koken, maar een inductieplaat gaat aan en uit alsof het een föhn is.
Heftige hoosbuien en extreme hitte hebben een groot effect op hoe we wonen. Het wordt vooral in steden flink heter, daarnaast krijgen we veel wateroverlast. Om regenwater te absorberen hebben we groene, met gras en planten begroeide daken, tuinen zonder tegels, veel parken, en schaduw- en waterrijke groene zones rondom de steden waar we ons bij extreme hitte terugtrekken. Regen­water verdwijnt niet meer in het riool, maar in bassins onder onze huizen. We gebruiken het om te douchen, wassen en de tuin te bewateren. Aan de Wageningen University & Research is Tim van Hattum nu bezig met het ontwikkelen van een app die het weerbericht op straatniveau geeft en waarmee je kunt zien waar je heen moet als het snikheet is of hoe je tussen de buien door kunt fietsen.
Nadeel: Ergens tussen nu en 2050, wanneer alle huizen CO2-neutraal moeten zijn, krijg je vijf dagen lang werklui over de vloer om veranderingen door te voeren, die bovendien geld kosten. De investering haal je er echter snel uit en er bestaan subsidies en gunstige leen- of leaseconstructies.
Voordeel: We hebben geen energierekening meer. Mogelijk verdienen we zelfs omdat we meer opwekken dan verbruiken. Het groener worden van de leefomgeving heeft een positieve invloed op ons welzijn én op de vastgoedprijzen.
WAT KUN JU NU AL DOEN: Alle technologie om je huis 100 procent duurzaam te maken is nu al beschikbaar. Vaak is het zelfs een slimme investering die veel meer rendeert dan een bankrekening. Sommige zonnepanelenbedrijven - zoals Sungevity - bieden een gratis dakscan aan en rekenen uit hoe snel je je investering hebt terugverdient. Meestal is dat binnen een jaar of zes, en daarna heb je twintig jaar lang gratis energie. Een bedrijf als Thuisbaas (thuisbaas.nl) maakt je huis in één keer gegarandeerd energieneutraal. Op de website van Milieu Centraal vind je een overzicht van de landelijke subsidies voor deze transitie. Er zijn ook gemeentelijke subsidies.


Vervoer: deelauto’s en vaker met de trein

Vanaf 2030 mogen er geen benzine- en dieselauto’s meer op de markt komen. We rijden in kleine auto’s die groene stroom of waterstof verbruiken. Vooral in de stad hebben we deelauto’s. Rond 2050 zijn ze zelfrijdend. Wil je naar Utrecht, dan komt er een auto voorrijden waarin ook andere passagiers zitten. Heb je wel een eigen auto, dan laad je de batterij die steeds sterker en kleiner wordt, thuis op met zonnestroom. Als de batterij na een aantal jaar niet meer bruikbaar is in de auto, hang je hem op in huis om zonne-energie op te slaan.
Voordeel: Elektrische auto’s zijn goedkoper in onderhoud en verbruik.
Een eigen auto staat 90 procent van de tijd stil terwijl veel kosten doorlopen, voor een deelauto betaal je alleen tijdens het gebruik.
Nadeel: Elektrische auto’s zijn beter qua uitstoot, maar vervuiling door bijvoorbeeld de productie en slijtage van autobanden is daarmee nog niet opgelost.
WAT KUN JE NU AL DOEN: Overstappen op een deelauto, vaker met de trein en fiets, en misschien alvast een elektrisch karretje? De goedkoopste modellen zijn nu nog rond de € 25.000, maar vanaf 2019/2020 komen er verschillende goed­kopere varianten aan zoals de Uniti One van Zweedse makelij die ongeveer de helft gaat kosten en een actieradius heeft van 300 kilometer.


Minder consumeren: van bezitten naar delen

In De verborgen impact schrijft Babette Porcelijn dat het meest vervuilende gedrag van consumenten het kopen van spullen is. Met name omdat die in het verre buitenland goedkoop maar vervuilend geproduceerd worden, en per vervuilende zeeschepen of vliegtuigen naar Nederland komen.
Om de klimaatdoelstellingen te halen, ontkomen we in 2030 niet aan een forse CO2-belasting; vervuilende producten worden flink duurder. Daarom kopen we meer tweedehands, refurbished (gerepareerd) of spullen van gerecycled materiaal.
Op dit moment bestaan al zeeschepen die energie opwekken van wind. Ze varen langzamer en het vervoer is dus duurder, maar als je ziet hoe goedkoop spullen van ver zijn (check maar eens bij Action of Xenos) dan zou het geen probleem moeten zijn iets meer voor dit schone vervoer te betalen. Een CO2-belasting zal die windscheepvaart aantrekkelijker maken. Als vanaf 2050 hopelijk de scheepvaart duurzaam is, kunnen we weer meer importeren, mits die spullen duurzaam geproduceerd zijn.
Nadeel, en tegelijk ook voordeel:
Minder consumeren houdt in dat de economische groei zoals we die kennen (steeds meer produceren en meer verdienen) stagneert. Minder materiële rijkdom houdt in dat we onze focus gaan verleggen op welzijn: hoe gelukkig zijn we? En hoe kunnen we bijdragen aan een wereld die voor iedereen, en niet alleen voor ons in het Westen, leefbaar is?
De nadruk verschuift van eigendom naar delen en leasen. Dat zorgt voor meer verbinding en minder wedijver. Deze trend zie je al: mensen willen ontspullen, simpeler en kleiner wonen (zie de Tiny House beweging) en men verenigt zich in burennetwerken die elkaar helpen of samen energie opwekken.


Het toekomstmenu: geen vlees, wel algen en wieren

De veeteelt is zeer vervuilend, dus het invoeren van een vleesbelasting is onvermijdelijk. Enerzijds om het eten van vlees te ontmoedigen, anderzijds om de milieuschade te compenseren. Daardoor wordt vlees iets dat we af en toe eten, met kerst bijvoorbeeld. We halen eiwitten uit insecten die leven van groente- en fruitafval. Vermalen tot meel en verwerkt in koekjes en andere producten proef je daar bijna niks van. We eten ook algen en wieren, die op grote schaal gekweekt worden omdat ze zorgen voor zuurstof (meer nog dan bomen en planten). Er zijn massa’s vleesvervangers op de markt. We eten uit het seizoen en de regio, en gooien steeds minder weg. In de Jumbo in Wageningen is onlangs al het eerste Verspillingsschap van Nederland geopend, waar onder andere smoothies, bier, pindakaas en cider worden verkocht die gemaakt zijn van grondstoffen die bijna over de datum waren.
Voordeel: Veel vlees eten is ongezond. Minderen levert dus gezondheidswinst op. Er zijn extra banen in de voedingsindustrie. We eten leuker en gevarieerder. Kijk voor een voorproefje maar eens in een vegetarisch of veganistisch restaurant of op een foodblog naar wat je allemaal met aubergine, wortel, knol, granen, zaden, pitten en ander ogenschijnlijk minder sexy ingrediënten kunt doen.
Nadeel: we moeten omschakelen, en de mens houdt daar niet van. Maar eenmaal gewend aan de nieuwe situatie, kun je je bijna niet meer voorstellen dat het ooit anders is geweest. Ooit zullen mensen gruwen van het feit dat we massaal dode beesten hebben gegeten.
WAT KUN JE NU AL DOEN: In De verborgen impact lees je dat vlees eten na spullen kopen het meest milieubelastende is dat je als consument kan doen. Dus: eet minder vlees (en zuivel). Koop ingrediënten die niet per vliegtuig komen. Hoe dichterbij hoe beter.


Vakantie in 2030: vliegen wordt het nieuwe roken

‘Vliegtaks komt er, hoe dan ook’, zo kopte NRC in juni. Mensen vinden het nu al steeds vaker absurd dat iets vervuilends als vliegen zo goedkoop is. Zestig procent van de vluchten vanaf Schiphol gaat nu nog naar bestemmingen in Europa, die reizen maken we in 2030 vooral per supersnelle trein. Boek je in 2030 nog een vlucht naar een ver land, dan schaam je je rot en moet je diep in de buidel tasten om een compenserend bos aan te kopen dat 25 jaar moet groeien.
We kiezen veel vaker een vakantiebestemming in Noord-Europa omdat het in landen als Spanje, Frankrijk en Italië in de zomer veel te warm is. Eenmaal per trein aangekomen, huren we eventueel ter plekke een elektrische auto. Zoals nu de site skyscanner.com bestaat die vliegticketprijzen met elkaar vergelijkt, bestaan er in de toekomst dergelijke sites voor trein- en busvervoer.
In 2030 wordt volop gebouwd aan de zogenaamde Hyperloop, een ondergronds buizenstelsel waarin railsloze treinen met 1000 kilometer per uur doorheen schieten. Een Nederlands bedrijf won met het ontwerp een prijsvraag die was uitgeschreven door Elon Musk van het elektrische automerk Tesla. Die hyperloop wordt nu ontwikkeld.
Nadeel: Vliegen is ‘heilig’ voor mensen, daar kunnen we bijna geen afstand van doen. Maar troost je: zodra er duurzame vliegtuigen bestaan, kunnen we weer gaan. Het eerste twaalfpersoons elektrische vliegtuig bestaat al. Vanaf 2030 zullen steeds meer korte vluchten per elektrisch vliegtuig plaatsvinden. Naar verre bestemmingen elektrisch vliegen met grote toestellen is écht nog verre toekomstmuziek.
Voordeel: We gaan veel prachtige bestemmingen in en rond Nederland meer waarderen.


Vlees- en vlieg- en vervuilings­belasting, zou het echt?

Het duurt lang om mensen te overtuigen van de noodzaak. Grote bedrijven (Shell, vliegtuigmaatschappijen) lobbyen bij overheden om verandering tegen te gaan. Maar het bewustzijn is er, en ontwikkelingen gaan snel. Kijk maar naar het Akkoord van Parijs: niemand dacht dat het er ooit zou komen. En roken: in een kwestie van een paar jaar is de sigaret veranderd van een recht naar een zonde. Zoals mensen nu zeggen ‘Rook jij nog?’ is het over een paar jaar: ‘Vlieg jij nog?’ Of: ‘Eet jij nog vlees?’ Tegen die tijd heb je echt wat uit te leggen als je als enige in de straat nog geen energie opwekt.


2050 klimaatneutraal, is dat nog wel op tijd?

Volgens Marjan Minnesma van Urgenda is deze belofte te weinig ambitieus. Het betekent dat we de anderhalve graad opwarming gaan overschrijden. Willen we ons aan de afspraken houden, dan moet Nederland al in 2030 over zijn op 100  procent duurzame energie. Op basis van de huidige technologieën kunnen we dat volgens Minnesma voor elkaar krijgen. Ze schreef er een digitaal boekje over: Nederland 100% duurzame energie in 2030, Het kan als je het wilt.




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
In dit RADAR+ magazine
inhoud_04.png