RADAR+ Online

Word Abonnee

Tekst Nicolien van Doorn | Fotografie: Maayke de Ridder

Banner-tuin.jpg

Groene vingertjes

Een tuin wordt voor veel kinderen pas interessant als er een trampoline in staat. Hoe krijg je ze zo ver dat ze dat gedoe met die planten óók leuk gaan vinden?

Kleine moeite snel effect
Hoe boeiend is het voor kinderen om zaadjes in de grond te stoppen en daar af en toe een gietertje water overheen te plenzen? Er zijn ouders en grootouders die het blijven proberen. Als je maar vroeg genoeg begint, zeggen ze, wordt een kind vanzelf tuinrijp. Daar zit wat in. Al was het maar omdat peuters niets liever doen dan grote mensen imiteren. Als vader de grond omspit, doen ze enthousiast mee met hun schepje, als moeder zaadjes in de grond stopt, willen zij dat ook. Dan is het handig om ze zaadjes te geven die binnen een week in planten veranderen. Je kent ze wel, de evergreens van de schooltuin: radijsjes, worteltjes, tuinkers, rucola, kropsla en Oost-Indische kers. Die groeien snel, hebben weinig verzorging nodig en zijn nog lekker ook.

Een joekel van een pompoen
Een andere manier om bij kinderen de moed er in te houden, is om ze een plant te laten verzorgen waarmee ze een prijs kunnen winnen. Elk jaar worden overal wedstrijden georganiseerd voor de grootste zonnebloem en de zwaarste pompoen. Vertel de kinderen wel dat ze één bloem per pompoenplant moeten laten zitten en de rest weg moeten halen, anders krijg je drie kleine pompoenen in plaats van één joekel. En mocht hij desondanks toch nog aan de kleine kant blijven, dan is er altijd nog een halloweenmasker van te maken.

Tips voor de kindertuin
• Zonnebloemen die heel groot worden zijn ‘Russian Giant’, ‘Unifl orus giganteus’ of ‘Titan’. Een lange zonnebloem kan makkelijk omvallen. Bind hem daarom stevig vast aan een stevige stok of paal.
• De zwaarste pompoen krijg je met ‘Atlantic Giant’. Laat bij het oogsten een stuk van de steel zitten, anders kan hij wegrotten. Die reuzenpompoen is eetbaar, maar hoe groter de vrucht hoe fl auwer en smakelozer hij is. Een pompoen die goed tot masker is uit te snijden is de ‘Jack O’Lantern’.
• Een kindertuin heeft niet veel ruimte nodig. Een zaaibed van 30 cm breed en 1 tot 1,5 meter lang is genoeg. Heb je geen tuin, dan kan het ook heel goed met bloempotten op het terras of in de vensterbank.
• Leer de kinderen dat grote zaden dieper geplant moeten worden dan licht, fi jn zaad. Zeven keer de dikte van het zaad is een goede vuistregel.
• Kiemkrachtige pinda’s zijn online te bestellen, bijvoorbeeld bij pindaplant.nl. Ze worden opgestuurd in een plastic potje met een watje. Maak het watje vochtig, leg de pinda’s erop en maak het potje dicht. Na enkele dagen gaan de pinda’s kiemen en kun je ze in de grond stoppen. Als je ze in een doorzichtige pot plant, kun je ze zien groeien.

Een kauwgom en een colastruik 
Er bestaan planten waarvan je zou zweren dat ze speciaal voor kinderen zijn gemaakt. Wat te denken van een colastruik (Artemisia abrotanum) of een kauwgomstruik (Lippia polystacha)? Met blaadjes die – werkelijk waar – naar cola en kauwgom smaken? Ook op de blaadjes van de dropplant (Tagetes lifolia) kun je lekker kauwen en als je dorst krijgt, trek je er dropthee van. Is het te warm voor thee, dan is er altijd nog de limonadeplant (Agastache mexicana). Daar past de muntplant ‘Mentha Chocolate’ goed bij, die ook wel ‘After Eight-plant’ wordt genoemd, omdat zijn blaadjes naar munt en chocola smaken. Ook leuk is de lampionbes (Physalis peruviana). Na de bloei zet de lampionbes vrucht met gele lampionnetjes waarin een grote zoete bes zit die, als hij rijp is, vanzelf op de grond valt. Het grootste wonder: de pindaplant! Eerst komen de blaadjes tevoorschijn, een paar weken later kruipen de bloemetjes de grond in en veranderen ze daar in pinda’s. Zodra ze volgroeid zijn, sterft de plant en kunnen de pinda’s geoogst worden

Vogelhuisje 
Een extra leuke toevoeging aan de kindertuin is een kleine kalebas (Lagenaria siceraria) die verandert in een vogelhuisje. Vlak voor de eerste nachtvorst wordt hij geoogst en op een droge plek opgehangen om te drogen. Een paar maanden later is de schil keihard geworden en kan er een – al of niet beschilderd – vogelhuisje van worden gemaakt. Laat een plaatje van zo’n huisje aan je kinderen zien en ik durf te wedden dat ze je op hun blote knietjes zullen smeken om een eigen tuintje.

pinda