RADAR+ Online

Word Abonnee

Tekst: Niki Rap

teek_away.png

Teek away

Kom mee naar buiten allemaal! Maar niet zonder een goed stappenplan tegen tekenbeten op zak: weet waar teken toe in staat zijn, hoe je tekenleed kunt voorkomen en wat je te doen staat als ze je wel te pakken hebben genomen.

 

banner-los-nummer-zomer-2017 

 

1. Spot de bloedzuigertjes

Zonder bloed overleven teken niet. Dat geldt voor hun hele levens- cyclus: uit de eitjes van vrouwelijke teken komen larven die bloed nodig hebben om te vervellen tot nimfen. En die nimfen kunnen op hun beurt alleen volwassen worden door zich vol te zuigen met bloed. De kleine spinachtige beestjes zijn daarom altijd op zoek naar zoogdieren om zich te kunnen voeden. Nimfen zijn dol op muizen, grotere teken bijten zich het liefst vast in herten, reeën en andere grote dieren in het bos. Larven en nimfen, de kleintjes, zijn ook tevreden met een bloedmaaltijd van een kat en hond. En ja, ook van mensen: vanuit bladeren en mos stappen ze over op onschuldige passanten en zetten ze zich op de huid vast. Daar beginnen ze als miniem zwart puntje, maar als ze eenmaal zijn volgezogen met bloed – dat kan wel een paar dagen duren – zwellen ze op tot formaat erwt en verkleuren ze naar bruin of grijs.

2. Ken de ziekterisico's

Weet een teek je eenmaal te vinden, dan loop je het risico om ziek te worden. In Nederland is ongeveer één op de vijf teken drager van de Borrelia burgdorferi-bacterie, die het beest op zijn beurt heeft opgelopen via bijvoorbeeld een muis. Die Borrelia is veroorzaker van de ziekte van Lyme. Van de miljoen mensen die jaarlijks in Nederland worden gebeten, lopen 25.000 een Lyme-infectie op. Na een week of twee tot vier kan je huid verkleuren en de beruchte ring rond de beet ontstaan – maar dat hoeft niet. Ook kun je je grieperig voelen. Krijg je niet op tijd antibiotica, dan bestaat de kans dat je na een paar maanden last krijgt van je gewrichten, vaak auwvalt, dubbel gaat zien, en pijn in je armen of benen en/of hartritmestoornissen krijgt. Als Lyme chronisch wordt, komen daar vaak ook nog huidaandoeningen bij. Maar Lyme is niet het enige risico van een tekenbeet. Sinds vorig voorjaar blijken Nederlandse teken via reeën ook het tick-borne encephalitis-virus op mensen over te kunnen dragen. Dit TBE-virus kan ernstige hersenvliesontsteking veroorzaken. De kans op infectie is erg klein, omdat hier weinig teken ermee besmet zijn. Maar ga je naar bepaalde beboste gebieden in Midden- of Oost-Europa, dan kan het slim zijn om je tegen tekencefalitis te laten inenten. Kijk op lcr.nl voor een advies per land.

3. Wapen je met lange broek en deet

Om tekenleed te voorkomen, moet je er dus voor zorgen dat ze je niet kunnen bespringen. Nou is dat eigenlijk ondoenlijk, want overal waar groen is, kun je in principe een teek tre en. Ze worden actief zodra de temperatuur boven de 7 °C uitkomt, de meeste mensen worden dan ook tussen maart en oktober gebeten. Op tekenradar.nl zie je hoe het staat met de teekconcentratie in de buurt. Maar ze zitten vooral in hoog gras met veel schaduw en op dode bladeren in bomen en struiken. Toch loop je net zo goed kans op een tekenbeet in een stadspark of in eigen tuin. Uit recent onderzoek van het RIVM en de Universiteit van Wageningen blijkt zelfs dat een op de vijf tekenbeten in een stedelijk gebied plaatsvindt. Het goede nieuws: deze ‘stadsteken’ lijken iets minder vaak de Lyme veroorzakende bacterie bij zich te dragen. Het risico op een beet verklein je iets door tijdens een boswandeling zo veel mogelijk op de paden te blijven, het liefst een lange broek en dichte schoenen te dragen en sokken over je broek te dragen. Blote stukken insmeren met een anti-muggenmiddel met DEET schrikt teken af.

4. Controleer jezelf en grijp die teek

Dat testen op teken verloopt het meest e ectief als je het altijd volgens een vaste routine doet: controleer eerst je kleren. Check opgerolde broekspijpen, randjes van ondergoed en sokken extra goed en vergeet eventuele hoeden of petten niet. Tref je een teek, was de kleren dan minimaal een halfuur op 60 °C. Of gooi ze na het wassen in de droger, dat overleven teken ook niet. Na je out t inspecteer je je lijf. Teken vinden vooral haargrenzen, liezen, oksels, knieholtes, bilspleten en achter oren jn om te vertoeven, dus bekijk die plekken secuur – eventueel met een spiegeltje of hulp van iemand anders. Teek gesignaleerd? Het is belangrijk om ’m zo snel mogelijk te verwijderen. Lukt dat niet binnen 24 uur? Vraag in dat geval de huisarts om advies. De teek eruit halen doe je met een puntig pincet: pak de teek zo dicht mogelijk op de huid en trek ‘m er rustig uit. Een vergrootglas erbij kan handig zijn. Geen paniek als er een deel van de kop achterblijft: die komt er later vanzelf uit. Desinfecteer de plek achteraf met alcohol of jodium. Gebruik je een speciale teekverwijderaar van de drogist of apotheek, volg dan de gebruiksaanwijzing. Heb je geen tekengereedschap bij je en is de teek nog klein en plat en heeft hij zich dus nog niet aan je bloed tegoed gedaan? Probeer ’m dan met een nagel uit je huid te halen.

5. Blijf alert op vlekken en klachten

Belangrijk: noteer wanneer je bent gebeten. Die datum is belangrijk, omdat je tot drie maanden na de beet scherp moet blijven op klachten. Ontstaat er een groter wordende verkleuring of ring rond de beet in die periode? Of krijg je last van koorts, spierpijn of je gewrichten? Ga naar de dokter. Ook bij huid- en hartproblemen bezoek je uiteraard de huisarts, omdat die klachten kort na de beet kunnen wijzen op Lyme. Alle stadia zijn te behandelen met antibiotica, maar hoe eerder je erbij bent, hoe minder kans dat je blijvende schade hebt opgelopen. Gelukkig genezen de meeste mensen van Lyme. Maar zo’n 1000 tot 2500 mensen per jaar worden chronisch Lyme-patiënt, ook al hebben ze antibiotica gekregen. Hoe dat komt, is nog onduidelijk. Daarom vraagt het RIVM iedereen die door een teek is gebeten en gestart is met antibiotica zich te registeren op tekenradar.nl. Je wordt dan een jaar lang gevolgd. Doel van dit LymeProspect-onderzoek is om meer inzicht te krijgen in het ontstaan van chronische klachten en ze zo in de toekomst beter te kunnen behandelen én voorkomen.




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
In dit RADAR+ magazine
004_BW_RADAR6.jpg
Deze website maakt gebruik van Cookies. Waarom? Klik HIER voor meer informatie.