RADAR+ Online

Word Abonnee

Tekst: Lara Aerts en Floor Overmars Fotografie: Linelle Deunk

20170706-RM_35_herenigd_Peter_Erictweeling_031DEFop.jpg

Weer samen

Herenigd. Na zeventien jaar met je tweelingbroer. Met je geliefde die je in geen ­maanden hebt gezien. Met je leuke neef die je op een reünie weer tegenkomt. En hoe ­emotioneel is het als na vijf jaar je weggelopen kat ­gevonden wordt? Of als je kind haar knuffel terugvindt, die voor altijd leek verloren.

De eeneiige tweelingbroers Peter en Erik (50) werden als baby ter adoptie opgegeven en, tegen de zin van hun biologische moeder, uit elkaar gehaald. Ze groeiden op in Groningen, 40 km bij elkaar vandaan. Op hun zeventiende werden ze met elkaar herenigd.
Erik: ‘Ik was enig kind en zei altijd tegen mijn moeder: ‘Ik had wel een broertje gewild’. Toen ik van mijn ouders hoorde dat ik een broer had, was ik 17 jaar. Ik vond het mooi en bijzonder, maar ergens verbaasde het me niet. Ik wilde hem zo snel mogelijk zien. De hereniging vond plaats bij mij thuis. De deur ging open en daar stond hij. Dan kijk je in het gezicht van iemand die precies op je lijkt. Je ziet dat het je broer is, maar je voelt het niet. Heel merkwaardig. Ik kan het gevoel het best omschrijven als een mengeling van spanning, onwennigheid en gêne. We vielen elkaar niet om de hals, maar waren vrij timide, zo van: wat voor vlees heb ik in de kuip? Daarna hebben we een tijdje gesproken over dingen als: op welke school zit jij, van welke muziek houd je, voetbal jij ook, in welke kroegen kom je? En over meisjes. Eigenlijk is het niet heel anders dan wanneer je met je ouders naar de camping gaat en daar een jongen ontmoet. Misschien word je dan vriendjes. Na die eerste ontmoeting werd het contact met mijn broer vooral gestimuleerd door mijn ouders. ‘Bel hem op. Dat vindt je broer leuk’, zeiden ze. Dat ging niet veel verder dan: ‘Hoi, hoe is het? Goed. En met jou? Ook goed.’ Tot we allebei ons rijbewijs hadden, dat was het moment dat we samen uitgingen. Met vrienden naar de disco, biertjes drinken. Toen werden we wat losser, opener. We ­logeerden bij elkaar, hadden gesprekken. In die periode begon het me op te vallen dat we dezelfde trekjes hebben, om dezelfde dingen en op dezelfde manier moeten lachen. Nu zien we elkaar geregeld. Deze week gaan we samen naar Frankrijk. We stappen in de auto en zien wel waar we uitkomen.’

 

Je ziet dat het je broer is ­omdat hij ­precies op je lijkt, maar je voelt het niet'

 

Sophie Twigt (29) is na negen maanden herenigd met haar Australische vriend Byron Hennesy (32).
Sophie: ‘Gisteren stond ik op Schiphol om Byron op te wachten. Ik had een banner gemaakt met de tekst ‘Welkom thuis’, en plaatjes van een molen, klompen en een tulp. Het was zó fijn om elkaar weer te zien. Byron en ik hadden in Nederland al samengewoond, maar hij moest terug naar Australië om daar zijn visum te verlengen. Helemaal in het begin voelde ik me onrustig. Ik wist niet precies wanneer hij terug zou komen en ik dacht: wat als ’t nou misloopt? Maar hij belde elke dag, en nam in Australië meteen Nederlandse les. Dat gaf mij veel vertrouwen. De eerste maanden had ik het druk: voor Byrons visum moest ik een vaste baan hebben, een jaarcontract en minstens € 1500 per maand verdienen. Ik was aan het solliciteren en werd daarna ingewerkt als pedagogisch medewerkster op een kinderdagverblijf. Het was hectisch, dus de tijd vloog. Na een maand of vier had hij zijn visum, maar bleef hij nog daar om geld te verdienen; ik had hem de laatste maanden van zijn verblijf in Nederland onderhouden en hij wilde minimaal 9000 dollar meebrengen. Ik vond het niet nodig, hij kon toch ook in Nederland werken? Maar hij was bang dat hij niet meteen aan de bak zou komen en weer van mijn geld zou moeten leven. Hij woonde bij zijn ouders en zijn leven bestond uit overdag slapen en ’s nachts werken, vrienden zag hij niet. Hier was het ook geen pretje: drie familieleden overleden, een vriend werd in elkaar geslagen en een andere vriend kreeg een auto-ongeluk. Dan is bellen via WhatsApp echt niet ­voldoende, ik had hem fysiek nodig. Ik raakte op het laatst down, had nergens meer zin in. Ik was maar bezig met de dagen aftellen, er leek geen einde aan het wachten te komen. Eindelijk is dat allemaal voorbij. We zijn nu samen, en helemaal klaar om in Nederland een leven op te bouwen.’

 

we zijn eindelijk samen, klaar om een leven met elkaar op te bouwen'



Marjon van Santen (61) werd na ruim vijf jaar herenigd met haar weggelopen kat Titikont.
‘Ik woon met drie generaties katten in huis: Oma Celika, haar dochter Thika en diens twee kinderen Titikont en Toby. Op een ochtend in september 2011 kwam Titikont niet opdagen toen ik haar riep voor het ontbijt. Weken, maanden heb ik de buurt afgezocht, bij nacht en ontij. Geen Titikont. Omdat ik niet wist wat er met haar was gebeurd, kon ik het hoofdstuk lastig afsluiten. Totaal onverwachts kreeg ik op een middag, ruim vijf jaar later, een telefoontje van de zwerfkattenopvang. Of ik een kat kwijt was. Ja, zei ik, maar dat is al zo lang geleden! Ze vroegen hoe die kat dan heette, en ja hoor, ze was het, dat konden ze ­aflezen van de chip. Ze hadden haar kilometers verderop gevangen. Daar had ze in een binnentuin geleefd. Buurtbewoners hadden haar gevoerd, en ze ving zelf vogels en muizen. Ze was bevriend geraakt met een van de buurtkatten, een rode kater. Maar ze ging nooit bij de eigenaren naar binnen, hoe die ook probeerden haar te lokken. Toen ik haar kwam halen bij de opvang zat ze in een hok. En dik dat ze was! Naast de verbazing en blijdschap was ik vooral opgelucht dat ze gezond was. Van een afstandje riep ik haar en floot mijn bekende deuntje. Ze reageerde meteen. Zodra ik het hok openmaakte klom ze op me, dook in mijn nek, spinde, en bewoog heel druk. Herkenning en onzekerheid wisselden elkaar af. Ook ik was emotioneel, mijn katten zijn als gezinsleden. Haar oma, moeder en broertje herkenden haar niet meer, maar zij voelde zich al snel weer thuis, alsof ze nooit weg was geweest. De rode kater in de andere buurt heeft nog weken naar haar gezocht. Overal waar ze vertrekt, wordt ze gemist.’




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
In dit RADAR+ magazine
inhoud_04.png