RADAR+ Online

Word Abonnee

tekst: Jean-Pierre van de Ven | illustratie: Sophie van Boven

houvanjespiegelbeeld2.jpg

Gun jezelf fouten te maken

Eigenlijk ben je maar een sukkel. Iedereen doet het beter en bezit meer dan jij. Ho, stop! Gun jezelf fouten te maken, realiseer je dat je niet de enige bent die weleens faalt, houd op met voortdurend te oordelen over jezelf. Zelfcompassie is het toverwoord.

bestelonline445

Om mee te tellen in de maatschappij moet je tegenwoordig aan een hoop materiële en immateriële voorwaarden voldoen. Zo moet je beschikken over een mooi huis, een fraaie auto en geld om ten minste tweemaal per jaar met vliegvakantie te gaan. Maar je moet ook hippe kleren en de juiste schoenen dragen, populaire sporten beoefenen en politiek correcte meningen hebben. Je moet van kunst houden en kennis hebben van literatuur, beeldende kunst en films, maar ook regelmatig naar een voetbalwedstrijd gaan en weten wie Lionel Messi is. Je hebt natuurlijk een partner die minstens even succesvol is als jijzelf, en jullie kinderen zijn voorbeeldig opgevoed. Je hebt een leuke baan die je status geeft, maar die je ook in staat stelt om de wereld een beetje beter te maken. Je hebt vrienden bij de vleet met wie je af en toe lekker gek kunt doen, maar die allemaal net als jij serieus aan hun toekomst werken.
Heb je dat allemaal voor elkaar? Goed zo, dan hoor je er helemaal bij. Top! Oh, niet? Helaas, dan moet je zo snel mogelijk bijspijkeren op het gebied waarop je niet de volle honderd procent scoort. Want voor je het weet lig je eruit. In de ratrace is geen tijd voor verliezers.
De moderne maatschappij is een meritocratie. Dat betekent dat je eigen succes maakbaar is. Dat je je positie in de maatschappij te danken hebt aan je eigen inspanningen. Voor sommige mensen werkt dat uitstekend. Maar wij, de rest van de mensheid, hebben niet altijd alles op orde. Want we zijn niet mooi genoeg. We zijn net ontslagen. We hebben een partner die ons niet begrijpt, en kinderen die niet deugen. En als we met vakantie gaan, heeft de bus vertraging en regent het veertien dagen.


Ik kan het niet, ik snap het niet

Dus we tobben en we piekeren. Wat doen we verkeerd? Soms haten we onszelf, omdat niets lijkt te lukken. We willen graag meetellen, maar we krijgen het niet voor elkaar. Ons leven is mislukt. Hoe houden we het uit met ons waardeloze zelf? Die vraag is niet overdreven gesteld. Mensen die het idee hebben dat ze tekortschieten kunnen daar enorm mee in hun maag zitten. Hun gepieker wordt een continue angst. Het getob wordt een depressie. Hoe kan het ook anders, als je jezelf de hele dag verwijten maakt?
Dag in dag uit herhalen we hetzelfde riedeltje: ik kan het niet, ik snap het niet, ik bega de ene vergissing na de andere stommiteit. En we sporen onszelf aan op een negatieve manier: doe nou eens wat beter je best, wees niet zo lui, laat niet over je heen lopen. Wie zou er niet somber worden van zulke gedachten en gevoelens? Dan denken we: zelfvertrouwen! Als ik eenmaal in mezelf geloof, komt het succes vanzelf. Voortgedreven door ongenoegen stappen we zo met open ogen in de valkuil die consumptie heet. We gaan harder werken om meer geld te verdienen, zodat we de juiste spullen kunnen kopen. We gaan harder sporten om mooier te worden. We doen ons best om bij de juiste mensen in het gevlei te komen, zodat hun succes op ons zal afstralen.
Maar hoe meer we op anderen proberen te lijken, hoe ongelukkiger we worden. Want we kunnen toch nooit helemaal hetzelfde zijn als die ideale ander. De zelfverwijten nemen dus alleen maar toe. Als daarnaast ons zelfvertrouwen gebaseerd is op het oordeel van andere mensen, loopt het bovendien snel deuken op. Een scheve blik van de buurvrouw als je bij de kapper bent geweest kan je al uit je evenwicht halen. Een opmerking over de kleur van je nieuwe auto zorgt voor slapeloze nachten. En je reageert wanhopig als die promotie op je werk niet is doorgegaan.


De drie pijlers van zelfcompassie

Zelfvertrouwen is het gevolg van succes en niet de oorzaak daarvan. Wie zelfvertrouwen wil kweken moet voortdurend succes hebben en dat is onmogelijk voor de meesten van ons. Tegenslag en pijn horen nu eenmaal bij het leven. Daarom ging psycholoog Kristin Neff van de Universiteit van Texas in Austin op zoek naar een betere manier
om te ontsnappen aan de vicieuze cirkel van zelfkritiek en consumeren.
Ze vond de oplossing in zelfcompassie, een begrip dat ze ontleende aan de boeddhistische psychologie. Compassie is een ander woord voor liefde, een emotie die we meestal richten op anderen. Maar liefde voor jezelf is net zo goed noodzakelijk. In het boeddhisme is deze liefde onvoorwaardelijk. Dit betekent dat je van een ander of van jezelf houdt - ook al is het plaatje niet perfect.

De eerste pijler
Wees aardig voor jezelf ondanks je tekortkomingen en ook al heb je fouten gemaakt. Als je voor een uitdaging staat en je hebt iets niet meteen onder de knie, reageer dan niet met zelfverwijten, maar met begrip. Natuurlijk kun je niet meteen alles goed doen. Het is logisch dat je leert met vallen en opstaan.

De tweede pijler
Besef dat je niet de enige bent die weleens faalt. Niemand is perfect. Je hoeft je niet alleen te voelen als je machteloos of hulpeloos bent. Iedereen heeft van tijd tot tijd zulke gevoelens.

De derde pijler
Kies voor mind­ful­ness, een houding van open aandacht voor alles wat er gebeurt. Mindful zijn betekent niet oordelen, ook niet over jezelf. Negatieve gedachten komen en gaan. Het is zaak om ze niet te willen onderdrukken, maar ze ook niet te overdrijven. Sinds de publicatie van haar eerste artikel in 2003 heeft Neff veel onderzoek gedaan naar de effecten van zelfcompassie. De lijst met uitkomsten is indrukwekkend. Zelfcompassie beschermt tegen negatieve emoties. Je ervaart minder stress en je voelt meer kracht op moeilijke momenten. Zelfcompassie helpt verslavingen en angsten voorkomen, haalt mensen uit een depressie en voorkomt terugval bij mensen die depressief zijn geweest.


Vertel jezelf wat je goed hebt gedaan

Als je merkt dat je vaak op een negatieve manier op jezelf inpraat, als je de neiging hebt om jezelf verwijten te maken, of als je jezelf ronduit haat, kan zelfcompassie iets voor je zijn. Je leven kan een stuk draaglijker worden. Maar hoe leer je om zelf­compassie toe te passen?
Begin eens met het schrijven van een liefdevolle brief aan jezelf. Geef jezelf adviezen in deze brief, zoals je ook een ander adviezen zou geven. Dus met respect en met oog voor je eigenwaarde. Vertel jezelf niet alleen wat je fout hebt gedaan, maar ook wat je wel goed hebt aangepakt en wat je sterke punten zijn.
Het is ook goed om negatieve zelfindoctrinatie, de
neiging om vanbinnen steeds je negatieve punten op te sommen, om te buigen in positieve zelfbeïnvloeding. Leer bijvoorbeeld de volgende zinnetjes uit je hoofd: ‘Soms faal ik en dat is oké’, ‘Niemand is perfect’ en ‘Oordeel niet te hard over jezelf’. Herhaal deze zinnen een paar keer per dag. Het beste is natuurlijk om persoonlijke varianten van zulke zinnetjes te bedenken. Zo kun je er actief voor zorgen dat je gedachten op een ander spoor komen dan dat van zelfkritiek en spijt.
Zelfcompassie wordt sterker naarmate je geest meer tot rust komt. Daarom is het goed om te mediteren,
of om iets anders te doen dat je rustig maakt. Sommige
mensen maken elke dag een wandeling van dertig minuten. Anderen gaan sporten, schilderen, of miniatuurvliegtuigjes bouwen. Wat je ook doet, neem je voor om onrustige gedachten en gevoelens niet tegen te houden. Niemand kan gedachten stoppen. Gevoelens komen toch wel. Laat ze dus komen - maar laat ze ook weer gaan. Daarvoor hoef je niets anders te doen dan het te laten gebeuren.


Wees ook niet te streng voor je kinderen

Zelfcompassie versterkt compassie, liefde dus, voor andere
mensen. Als je in staat bent om je eigen negatieve én positieve punten te zien, kun je dat ook eerder doen bij anderen. Mensen die kritiek op je hebben of je pijn doen, zul je daar niet zo snel om veroordelen. Je neemt de mensen zoals ze zijn, in plaats van te verwachten dat ze perfect zijn (en steeds weer bedrogen uit te komen).
Deze vorm van geduld is gunstig voor iedereen met wie je in
aanraking komt, maar nog het meest voor je kinderen. Juist pubers die jou, maar vooral zichzelf intens kunnen haten,
hebben het voorbeeld nodig van iemand die de eigen fouten
ziet zonder zichzelf daarom te veroordelen.
Wees dus niet al te streng voor jezelf en ook niet voor je kinderen. Psychoanalyticus en schrijver Sigmund Freud vond dat ouders kun kinderen een geweten moeten aanleren. De meeste psychologen zijn het daar vandaag de dag nog steeds mee eens. Maar wat voor geweten wil je kinderen geven? Wil je ze leren om zichzelf de hele dag kritisch toe te spreken? Je weet uit ervaring hoe dat is: deprimerend en destructief.
Het is beter om je kinderen te leren dat ze van zichzelf mogen houden, ook al doen ze weleens iets doms, ook al zijn ze niet de populairste op school en ook al hebben ze niet de hipste kleding of de duurste telefoon. Bespreek vermeende en echte misstappen zo min mogelijk op een veroordelende manier. Spreek je waardering uit voor de dingen die ze wel goed doen. Want als jij dat doet, gaan ze dat ook doen bij zichzelf en bij de mensen om hen heen. En daar wordt de wereld toch een stukje beter van.

Tips voor zelfcompassie
• Wees lief voor jezelf, juist als je een fout hebt gemaakt
• Probeer te zijn wie je bent, niet wie je idealiter zou zijn
• Zeg elke dag drie lieve dingen tegen jezelf
• Gun jezelf een pleziertje, ook al ‘verdien’ je dat niet
• Begroet negatieve gedachten als oude vrienden,
maar laat ze ook weer snel vertrekken




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
inhoud6.jpg