RADAR+ Online

Word Abonnee

GettyImages-119134977.jpg

Opruimen

In opruimen heb je meestal geen zin, maar als je het toch doet, maakt het je tot een tevreden mens. Doe vooral niet moeilijk, hogere wiskunde is het niet. Aan de hand van 5 stappen legt opruimcoach Caroline Griep het even uit.

3nummers

Sinds de Japanse goeroe Marie Kondo een paar jaar
geleden haar opwachting maakte, lijkt opruimen tot een ware kunst verheven. Een nieuwe wetenschap. Iets waar je op moet studeren. Anders is het misschien wel dweilen met de kraan open. En dan kun je het natuurlijk net zo goed niet doen. Er is maar weinig dat zo vaak tot uitstelgedrag leidt als opruimen.
Omdat we wel heel graag wíllen opruimen, hebben we massaal Kondo’s boek Opruimen! in huis gehaald, en misschien zelfs het vervolg Spark Joy. Het boek dat
verkondigt dat je alleen spullen in huis mag hebben waarvan je vrolijk wordt. In het beste geval hebben we de boeken gelezen en het zelfs een keer uitgeprobeerd, in het slechtste geval staren ze ons al een tijd verwijtend aan vanuit die nog steeds niet uitgedunde boekenkast.
Goed nieuws: hoewel Kondo’s methode absoluut kan helpen, is opruimen in de meeste gevallen geen kwestie
van al haar rigoureuze regels 24/7 in praktijk brengen –
en vinden dat je faalt als dat niet lukt. Het is allemaal
geen hogere wiskunde: opruimen is in het dagelijks
leven in de eerste plaats een kwestie van gewoon doen. Zorgen dat rondslingerende spullen (weer) op hun
vaste plek terechtkomen. Hoe moeilijk kan het zijn?
En het beste nieuws is: als je eenmaal begonnen bent, ontstaat er als vanzelf ruimte in je hoofd om door te
pakken. Rommel is vastzittende energie, die loskomt
als je opruimt. Dat is niet alleen fijn voor je huis, maar voor je algehele gemoedstoestand.


1

Begin ergens
Je uitgebreid geestelijk voorbereiden op een opruim­sessie is nergens voor nodig. Begin met wat je op dit moment het ergst stoort. Nu. Dat keukenlaatje, die
stapels op de eettafel, de zithoek vol kranten en tijdschriften, die twee uitpuilende planken in je kledingkast, maakt niet uit wat, maar doe iets! Gewoon beginnen verandert je mindset en je zult zien dat van het een vanzelf het ander komt. Als je wacht tot je de perfecte aanpak hebt bedacht, gebeurt er niks. Gebruik je gezonde verstand, dat is genoeg.
Nu doen
Een rondje door je huis maken en alle plastic tasjes meenemen die je tegenkomt. Ze behoren serieus tot de hoogste categorie onruststokers in elk huishouden en bovendien is het geen gezicht.

 

2

Het kan altijd
Om op te ruimen hoef je geen vrije dag(en) te nemen. Je kunt het altijd doen, veel klusjes duren namelijk niet langer dan een paar minuten.
Ontdoe dat keukenlaatje van overtolligs terwijl je wacht tot het water voor de pasta kookt. Of sorteer je kruidenpotjes  op alfabet. Als je dat met aandacht doet, werkt het zelfs als mindfulness.
Nu doen
Breng elke ruimte terug tot ‘ready’. Het is een bekend gegeven: rommel veroorzaakt stress, orde het tegenovergestelde. Per ruimte hoeft dit niet meer te kosten dan drie minuten. Even de vuile vaat wegwerken, je kleding weer opvouwen en in de kast leggen, gebruikte handdoeken
ophangen, kranten in de tas met oud papier doen, het maakt een wereld van verschil in hoe je de dag begint of eindigt.

3

Beperk jezelf
Belangrijk is dat je niet te hard van stapel loopt: liever één klus helemaal doen dan drie voor de helft. Ook al is de verleiding vaak groot om meteen alles overhoop te trekken.
Voor je het weet verlies je het overzicht, en niets is frustrerender dan klussen die je niet in één opruim-
sessie af kunt maken. Pak dus bijvoorbeeld alleen de badkamer aan en niet ook meteen de linnenkast. Of alleen het bureau en niet ook nog je boekenplanken.
Nu doen
Neem een mand of bak en verzamel alles wat in de woonkamer niet ligt waar het hoort. Breng het naar de juiste plek. Dus: het nagelschaartje van de eettafel naar het badkamerkastje en de rekeningen die betaald moeten worden naar de plek waar je de administratie doet.

4

Ken jezelf (en je huisgenoten)
Wat zelfkennis is nooit weg als je gaat opruimen. Het belangrijkste is natuurlijk weten of je een bewaarder of een weggooier bent. Of iets daartussenin, dat kan ook. Forceer jezelf niet. Bewaar je graag dingen voor ‘je weet maar nooit’, maak daar dan bewust ruimte voor. Bedenk ook voor je huisgenoten wat voor opruimtypes ze zijn en realiseer je dat van een sloddervos een pietje-precies maken van z’n leven niet gaat lukken. Die ontplofte puberkamers kun je over een paar jaar precies zo netjes maken en houden als je zelf wilt. Voor altijd. Nu is het meestal zonde van je tijd en energie. Erop staan dat het in de gemeenschappelijke ruimtes netjes blijft mag natuurlijk altijd.
Nu doen
De quote Nothing is really lost until mom can’t find it klopt niet. De volgende keer dat je gevraagd wordt waar iets is, kun je gewoon rustig antwoorden: ‘Waar je het gelaten hebt.’ Wanneer je je nek erover breekt, gooi je het in een bak in de gang, bijkeuken of schuur. Kunnen ze daar zoeken.

 

5

Ontspul
Met minder spullen wordt het leven een stuk eenvoudiger omdat je dan ook minder op hoeft te ruimen. Zo simpel is het. Sinds de wederopbouw in de jaren vijftig zijn we gaan denken dat we met steeds meer spullen steeds gelukkiger zullen worden. Dat is een misvatting. Spullen vragen aandacht en onderhoud. Kosten tijd en geld. Veroorzaken rommel en stress. Het staat allemaal in de weg van de ontspannen manier van leven die we tegelijkertijd nastreven. Een groeiende groep mensen verzamelt daarom ervaringen en herinneringen in plaats van dingen. Journalist en trendwatcher James Wallman schreef er een inspirerend boek over: Ontspullen (Uitgeverij Kosmos, € 20).
Nu doen
Bedenk tijdens het opruimen of je spullen die je tegenkomt wel écht wilt hebben. Zou je het meenemen als je morgen zou verhuizen? Dat vaasje links achter in de kast, die kandelaar die je al twintig jaar niet gebruikt? Het mag weg, heus. Net als die complete jaargang Allerhande.

Caroline Griep is journalist en opruimcoach:
griepruimt­op.nl

 

Dit kan zonder aarzelen weg

•    oude kalenders
•    folders
•    kassabonnetjes
•    kerst- en verjaardagskaarten
•    gebruiksaanwijzingen (alles staat online)
•    oude medicijnen (inleveren bij apotheek)
•    beschadigd serviesgoed
•    versleten handdoeken
•    syllabi, aantekeningenblocnotes, studieboeken uit je studententijd
•    incomplete puzzels en spelletjes
•    videobanden
•    opladers van apparatuur die je niet meer hebt
•    lege pennen en viltstiften
•    oud ondergoed
•    sokken en panty’s met gaten
•    make-up die je langer dan een jaar niet hebt gebruikt
•    oude telefoons
•    elektrische apparatuur die het niet meer doet
•    boeken die je toch niet gaat lezen kun je cadeau geven of naar de kringloop brengen
•    afgetrapte schoenen


Kies het juiste moment


Zorg dat rommel en spullen die je niet meer wilt hebben
het pand ook echt verlaten. Een beetje plannen kan daarom geen kwaad.
•    Grofvuil?
Informeer bij de gemeente wanneer dat opgehaald kan worden.
•    Bijna Koningsdag?
Ideaal tijdstip om de boel eens uit te mesten en te verkopen wat je niet meer wilt hebben. Daarna nog spullen over? Kijk dan of er een ‘Ik geef weg’-Facebookpagina in je woonplaats/regio is.
•    IJskast opruimen?
Doe het op de dag/avond voor je de vuilniszak buitenzet.
•    Begin van het voorof najaar?
Duik in je kledingkast, sorteer de kleren voor het nieuwe seizoen, doe weg wat je al meer dan een jaar niet hebt gedragen.
•    Met het oog op de belasting­aangifte zijn de eerste
maanden van het jaar zijn heel geschikt om je administratie op orde te brengen.
•    Regenachtige zondag?
Neem je boekenkast eens fijn onder handen. Doe de boeken weg waar je niks mee hebt.

 




Sluiten

INHOUDSOPGAVE
In dit RADAR+ magazine
inhoud_5_2018.jpg