RADAR+ Online

Word Abonnee

Tekst: José Rozenbroek | Fotografie: Linelle Deunk

Gedupeerd-Pup.png

Mijn pup bleek doodziek

Dolblij was Sammy met haar pup. Maar al gauw bleek het hondje blind te zijn. Kreeg hij heupdysplasie, ontstekingen en heel veel pijn. De dierenartsrekeningen waren al opgelopen tot 3000 euro toen Sammy moest beslissen het dier te laten inslapen. ‘Het enige wat die fokker zei: ‘Je hebt gewoon pech gehad, dan had je maar een ander hondje moeten uitkiezen’’.

 

 

 

 

 

Veel rashonden zijn doorgefokt

Denk goed na voordat je overweegt een rashond aan te schaffen. Veel rashonden in Nederland zijn namelijk doorgefokt en lijden aan erfelijke ziekten en gebreken. Je bespaart je hond veel pijn en leed (en jezelf veel kosten, verdriet en rompslomp) als je je goed informeert over welke honden je beter niet kunt aanschaffen. Op rashondenwijzer.nl vind je informatie over 150 aandoeningen van de 80 meest verkochte rashonden in Nederland. Je leest ook waar je op moet letten en waar je naar moet vragen als je naar een fokker gaat. De advocaten van Stichting Dier en Recht voeren pro deo rechtszaken tegen malafide hondenfokkers. Ze helpen mensen die schade hebben geleden vanwege een hond met een erfelijke aandoening. Als je schade hebt geleden en je denkt dat je recht hebt op een schadevergoeding, kijk dan op hun site: dierenrecht.nl

Om de benen van Sammy van Winden (22) springt Raffi heen en weer. Hij hapt in de kuiten van de bezoeker, kijkt verwachtingsvol naar zijn bazinnetje, nestelt zich, als hij beseft dat er nu niet gewandeld gaat worden, op de bank: ogen en oren alert. Raffi komt uit Spanje, en zat als jonge pup in een Nederlands gastgezin toen Sammy hem een paar maanden geleden adopteerde. Waarschijnlijk is hij een kruising tussen een golden retriever en een herder, ze weet het niet precies. ‘Toen ik zijn foto op internet zag was ik verkocht. Bij mijn eerste bezoekje heb ik hem meteen goed bekeken: zijn oogjes, zijn pootjes. Ook de dierenarts heeft hem onderzocht.’ Tevreden: ‘Hij is kerngezond.’ Op de bovenarm van Sammy staat een verse tatoeage die ze drie weken geleden heeft laten zetten; een pootafdruk van haar vorige hond, Buddy. Buddy is maar 7 maanden oud geworden.

Sammy: ‘Ik heb altijd om een hond gezeurd. Toen we hier kwamen wonen, in een huis met een tuin, vonden mijn ouders het eindelijk goed. Ik was 11, mijn zusje 14, groot genoeg om een hond uit te kunnen laten. Daisy kwam van een collega van mijn moeder die niet meer voor haar kon zorgen. Een lieve golden retriever. Geen rashond, ze had een zwarte vlek op haar kop. Ze is overleden aan een hartstilstand toe ze 10 jaar was. Dat is een nette leeftijd voor zo’n hond. Na Daisy wilde ik heel graag weer een nieuwe hond. Mijn sportopleiding had ik moeten afbreken vanwege een schouderblessure. Ik wilde een opleiding voor hondentrainer en hondengedragstherapeut gaan volgen. Daarvoor had ik een hond nodig. Ik dacht: ik neem een rashond, een stamboomhond, dan weet ik zeker dat ie niks mankeert en kan hij samen met mij die opleiding doen.’ ’t Allerliefst wilde ze weer een golden retriever. ‘Golden retrievers zijn lief, leergierig, rustig.Echte familiehonden. Op internet vond ik een fokker in Noordwijk. Die heb ik gebeld, ik heb wel een uur met haar aan de telefoon gezeten. Daarna ben ik met mijn moeder gaan kijken. Er was een nest met een stuk of 6 puppies, een week of 12 oud. Buddy sprong eruit; hij kwam naar me toe en ik vond hem meteen geweldig. We betaalden de fokker 795 euro, en toen was Buddy van mij.’


Hij viel steeds van de stoeprand, ik dacht: hij is een beetje dom

Sammy kreeg de stamboom mee van Buddy. ‘Dat wil zeggen: ik heb een papier van de Raad van Beheer. Daarin staat dat de hond gechipt is – door zo’n chip is hij geregistreerd en kun je altijd achterhalen wie zijn baasje is - en dat het een stamboomhond is. In de praktijk blijkt dat je daar niks aan hebt want alleen fokkers kunnen zo’n stamboom opvragen. Als particulier kan dat niet.’ Thuis begon Sammy met de opvoeding van Buddy. Eerst leerde ze hem te lopen naar het veldje aan de overkant en te wachten aan de stoeprand. Al snel bleek dat hij steeds maar van de stoeprand viel. ‘Eerst denk je nog vertederd: hij is een beetje dom. Onhandig. Maar hij viel steeds wéér plat op zijn bekje. Hij draaide ook een beetje gek met zijn oogjes. Na twee weken hebben we hem laten onderzoeken door de dierenarts. Die zag ‘t meteen: Buddy is blind. Hij zag die stoeprand gewoon niet. En ook geen vogels. Andere honden hoorde hij wel aankomen, maar hij kon ze niet zien.’ Sammy ging met Buddy naar een oogdierenarts en internist in Wageningen om te kijken waar zijn blindheid vandaan kwam. 

‘Uit die onderzoeken bleek dat hij een erfelijke oogziekte had. Hij zou nooit iets kunnen zien.’ Dat was nog niet alles. Sammy vond dat Buddy een beetje gek liep. Vooral nadat hij had geslapen was hij stijf, of als hij veel had gelopen. Ze ging met hem naar een honden-orthopeed. Die constateerde een ontwikkelingsstoornis en dat een van zijn pootjes naar buiten groeide. ‘Dat voorpootje moest waarschijnlijk later geamputeerd worden. Zijn tenen en polsen waren zo stijf en stram dat hij ze niet bewegen kon en mank ging lopen. Buddy had veel pijn en ook koorts. Hij kreeg zware pijnstillers en ontstekingsremmers. Die werkten op een gegeven moment niet meer.’

De fokker zei dat de dierenarts niet goed bij haar hoofd was

Sammy pakt er een roze map bij vol medische rapporten en rekeningen. ‘Toen we bijna wekelijks met Buddy bij de dierenarts zaten, ben ik hiermee begonnen.’ Ze belde de fokker, vertelde haar over de blindheid en het pootje van Buddy. Ze vroeg om een gezondheidsverklaring, maar die kon de fokker niet tevoorschijn toveren. Ze zei dat de dierenarts alleen maar geld wilde zien en niet goed bij haar hoofd was. Op een gegeven moment bleek Buddy heupdysplasie te hebben. ‘Dat is een aangeboren afwijking aan de heupen, waardoor ze laag in de heupen gaan lopen, en veel pijn hebben.’ Tot overmaat van ramp raakten ook nog eens de tussenwervels in zijn rug ontstoken. Hij kreeg hoge koorts. Sammy: ‘Toen wou ie helemaal niks meer. Hij deed er drie kwartier over om naar de overkant van de straat te komen. Daar lag ie, op de grond. We waren inmiddels vier maanden verder. Er waren geen pijnstillers meer die hem hielpen, zijn voorpoot kon niet worden geamputeerd vanwege de heupdysplasie. Ik hield verschrikkelijk veel van hem, maar ik wist dat ik hem moest laten inslapen. Het was hopeloos.’ De avond voordat hij een spuitje kreeg maakte Sammy van zijn pootje een inktafdruk, waarvan ze later de tattoo op haar bovenarm liet zetten. De urn met Buddy’s as staat in haar slaapkamer. ‘Ik denk nog steeds elke dag aan hem. Ook al heb ik nu Raffi, je kunt niet zomaar een hond vervangen.‘ Nog een keer is Sammy langs de fokker gereden en heeft toen aangebeld. Er werd niet opengedaan. Toen ze terugliep naar de auto kwam de man van de fokker naar buiten. Ze sprak hem aan. Hij haalde zijn vrouw erbij. ‘Ze zei: ‘Je hebt gewoon pech gehad, dan had je maar een ander hondje moeten uitkiezen.’ Ik heb toen een oproepje op internet gezet met de vraag wie nog meer honden van deze fokker had. Er bleken meer van haar hondjes van alles te mankeren.’ Ze had een stamboomverklaring, dan zou het wel goed zitten, toch? Via de advocaten van de Stichting Dier en Recht, een organisatie die op de bres springt voor dieren, heeft Sammy uiteindelijk haar aankoopbedrag van de fokker teruggekregen. De zaak om de kosten van de verschillende dierenartsen terug te krijgen - in totaal € 3000 euro – loopt nog. Natuurlijk, zegt Sammy, had ze eerder aan moeten dringen op een gezondheidsverklaring. ‘Ik wist wel dat heel veel honden doorgefokt zijn, dat heup- en elleboogdysplasie veel voorkomen bij golden retrievers. Maar die hondjes wordt aangedaan.’ Van haar hoeft het niet meer, een rashond. Ze kijkt naar Raffi, die ongeduldig wordt, naar de deur loopt en indringend begint te piepen. Hij wil naar buiten, lekker rennen in het bos. ‘Geef mij maar een doodgewone, gezonde kruising van het een of ander.’ +